← Terug naar oefeningen
Oefening 1

Vul het gesprek aan

Vier gesprekken met alles wat je tot nu toe leerde. In de woordenbank staan ook een paar woorden die niet passen. Zet de woordenbank uit als je het jezelf moeilijker wilt maken.

Tip: lees het gesprek hardop, zeker als je het ingevuld hebt. Zo oefen je meteen je uitspraak, en onthoud je de zinnen veel beter.

De nieuwe collega

Marko maakt kennis met Petra, een nieuwe collega. Ze praten informeel (ti).

Woorden:KakavdobrizovemdobrelijepzovešOdakleKakvaDrago
Marko

Bok! Ja sam Marko. Kako se ?

Petra

Petra. mi je!

Marko

si, Petra?

Petra

Iz Splita. A ti?

Marko

Iz Zagreba. je Split?

Petra

Split je , i ljudi su .

In het café

Ana bestelt iets op een terras. De ober spreekt haar formeel aan (Vi).

Woorden:HvalaKakvaMalaMaloeuramolimeuroKoja
Ober

Dobar dan! Izvolite.

Ana

Kava i sok, .

Ober

kava? Velika ili mala?

Ana

, molim. Koliko košta?

Ober

Kava i sok su pet .

Ana

!

Bij de dokter

Ivan is bij de dokter. Ze spreken elkaar formeel aan (Vi).

Woorden:zubovizubizdraviJesamKadaNisamKakoZaštoglava
Dokter

Dobar dan! ste?

Ivan

Nisam dobro. Boli me .

Dokter

? Jeste li umorni?

Ivan

. I me bole.

Dokter

Dobro. Sutra ste !

Wat trekken we aan?

Ana en Petra maken zich klaar om uit te gaan. Ze praten informeel (ti).

Woorden:KamocrnikakvenaočalecrneKojisujeKoja
Ana

haljina je lijepa, plava ili zelena?

Petra

Zelena! A su cipele?

Ana

Cipele su .

Petra

Super. Gdje su ?

Ana

Naočale tamo.

Petra

Hvala! idemo?

Ana

Idemo na kavu!