← Terug naar lessen
Les 04

Biti

Het werkwoord zijn

Biti betekent zijn, en het is het belangrijkste werkwoord van het Kroatisch. Eigenlijk gebruik je het al: in Ja sam iz Hrvatske, Kako si? en Tko je to? zitten vormen van biti. In deze les leer je alle vormen, waar ze in de zin staan en hoe je ze ontkent.

De vormen

PersoonKorte vormLange vormNiet zijnBetekenis
jasamjesamnisamik ben
tisijesinisijij bent
on, ona, onojejestnijehij, zij, het is
mismojesmonismowij zijn
vi, Vistejestenistejullie zijn, u bent
oni, one, onasujesunisuzij zijn

oni gebruik je voor mannen of een gemengde groep, one voor vrouwen en ona voor onzijdige woorden. Vi met een hoofdletter is de beleefdheidsvorm uit les 3.

De lange vorm: bijna nooit

In een gewone zin gebruik je altijd de korte vorm: Ja sam umoran, nooit Ja jesam umoran. De lange vorm (jesam, jesi, jest…) heb je maar in drie gevallen nodig:

  • vooraan in een vraag, met li: Jesi li umoran? Vragen stellen leer je in les 5.
  • als kort antwoord: Jesam. (Ja, dat ben ik.)
  • om nadruk te leggen, bijvoorbeeld als iemand je tegenspreekt: Ja jesam student! (Ik bén wel student!)

Sam staat nooit vooraan

De korte vormen sam, si, je, smo, ste, su zijn kleine, onbeklemtoonde woordjes. Ze staan nooit als eerste woord van de zin, maar altijd op de tweede plaats. Het voornaamwoord mag je weglaten, want de vorm van biti zegt al over wie het gaat.

Ja sam umoran.=Umoran sam.Ik ben moe.
Ti si student.=Student si.Jij bent student.
Mi smo iz Belgije.=Iz Belgije smo.Wij komen uit België.

✗ Fout: Sam umoran.

Niet zijn: één woord

Om te ontkennen zet je ni- voor de vorm: nisam, nisi, nije, nismo, niste, nisu. Dat is één woord, en anders dan sam mag het wél vooraan staan: Nisam umoran. (Ik ben niet moe.) Ona nije ovdje. (Zij is niet hier.)

Wist je dat?

Een bijvoeglijk naamwoord past zich aan aan het geslacht, net als in les 2. Een man zegt Umoran sam, een vrouw Umorna sam. Zo ook sretan → sretna (gelukkig) en gladan → gladna (hongerig).